



De beginsituatie laat zich als volgt karakteriseren:
- Alle archiefinstellingen maken gebruik van software om hun werkprocessen te ondersteunen.
- Er is weinig kennis van de pakketten die door collega’s gebruikt worden en alleen incidenteel kennis van de mate van tevredenheid over de werking van die pakketten.
- Het vergelijken van de specificaties van softwarepakketten is lastig omdat alle informatie bij elkaar gesprokkeld moet worden.
- Archiefinstellingen nemen langzaamaan afscheid van de eerste generatie van softwarepakketten voor archiefbeheer, beeldbanken etc. De oriëntatie op nieuwe pakketten is lastig.
- Het maken van strategische keuzes is lastig, omdat onvoldoende inzichtelijk is wie welke pakketten gebruikt.